Nieuws uit de sector
Een vermoedelijke staking van de treinbegeleiders op 15 februari 2012 doorkruist de finale deadline voor het indienen van voorstellen met betrekking tot de oproep Peterschapsprojecten. Het VON-team raadt iedereen aan ofwel de projectvoorstellen zo snel als mogelijk in te dienen, ofwel ten laatste de dag zelf de projectvoorstellen op te sturen per post (poststempel telt als datum). De finale deadline van 15 februari 2012 (12.00 uur) blijft gelden.
Meer info over de oproep zelf: klik hier.
Jasper Delanoy> Grootste samenwerking ooit voor VIB in plantenbiotechnologie
> IWT biedt ondersteuning aan project
Gent, België en Ludwigshafen, Duitsland
Het VIB Department voor Plantensysteembiologie aan de UGent en BASF Plant Science kondigen vandaag een samenwerkingsakkoord aan in plantenbiotechnologie. Samen zullen ze werken aan een nieuwe technologie om genen en netwerken van genen te identificeren die een rol spelen bij de opbrengst van gewassen. Het project, dat de naam TopYield draagt, zal de grote variabiliteit van plantengroei onder verschillende omstandigheden in kaart brengen, ondermeer de reactie van planten op droogte.
De samenwerking zal gedurende verschillende jaren lopen. Er zijn zowat twintig voltijdse onderzoekers van VIB aan de UGent bij betrokken. Het is de grootste samenwerking die VIB ooit heeft opgezet binnen plantenbiotechnologie. Wetenschappers van BASF Plant Science zullen betrokken zijn om de onderzoeksresultaten te testen en te valideren in het labo, in de serre en in grootschalige screeningsfaciliteiten. Die taken zullen grotendeels plaatsvinden op de BASF Plant Science onderzoekssite in Gent.
Het project krijgt de financiële steun van het IWT, het Vlaams Agentschap voor Innovatie door Wetenschap en Technologie. De samenwerking versterkt de competenties in het onderzoek naar productiviteit in de landbouw van zowel VIB-UGent als van BASF Plant Science op de onderzoekssite in Gent.
“Tegen 2050 zal de wereldbevolking stijgen tot 9 miljard mensen. We hebben dus dringend nood aan een nieuwe revolutie in de landbouw. De opbrengsten moeten omhoog,” zegt Dirk Inzé, projectleider en directeur van het VIB Departement voor Plantensysteembiologie aan de UGent. “Met TopYield willen we bijdragen aan de verbetering van landbouwgewassen met behulp van geavanceerde gewasveredeling en biotechnologie.”
“Dit project zal helpen in onze ambitie om innoverende eigenschappen voor gewassen te ontwikkelen,” zegt Jürgen Schweden, Senior Vice President, Research & Development, BASF Plant Science. “Verbetering van gewasopbrengst is cruciaal voor een duurzame landbouw. VIB heeft een uitzonderlijke onderzoeksexpertise in plantenbiotechnologie. Dat maakt hen tot een ideale partner voor BASF Plant Science.”
Reeds vandaag zijn plantenwetenschappers zijn in staat om individuele genen te identificeren die een impact hebben om de opbrengst van een gewas. Met TopYield willen BASF Plant Science en VIB nog een stap verder gaan. De technologie moet toelaten om inzicht te verschaffen en voorspellingen te doen over de versterkende effecten van uitgebreide netwerken van genen, niet enkel over individuele genen. Dat is vooral van belang om inzicht te verwerven in opbrengst of droogtetolerantie van gewassen. Niels De Smet
VIB doet al jarenlang onderzoek naar opbrengstverhoging van planten. Eén van de stoffen die daarbije bestudeerd worden is het enzym GA20oxidase, betrokken in de aanmaak van het plantenhormoon gibberelline (Gibberellic acid of GA afgekort). Gibberelline is een stof die van nature in de planten aanwezig is en een rol speelt bij de groei. De planten in de veldproef produceren er een grotere hoeveelheid van. Dat zorgt ervoor dat de planten zich meer ‘strekken’ tijdens de groei, en dus hoger worden. De wetenschappers hebben een extra kopij ingebracht van GA20oxidase, het genetisch materiaal dat voor de aanmaak van GA instaat. Daarom spreken we hier van genetisch gewijzigde, of ggo-maïs.
Bestaan er al gewassen waar de hoeveelheid van deze stof is gewijzigd?Rijst, bijvoorbeeld. Dit gewas is in de loop van vorige eeuw gericht geselecteerd op kortere stengels en grotere korrels. Die nieuwe rijstvariant lag mee aan de oorsprong van de zogeheten 'Groene Revolutie', die ervoor gezorgd heeft dat de opbrengst van de landbouw spectaculair is gestegen. Bij moderne rijst is de aanmaak van het enzym GA20oxidase verminderd, waardoor er minder van het plantenhormoon gibberelline wordt aangemaakt. Ook de tarwe die we vandaag kennen heeft een gewijzigde aanmaak van het plantenhormoon gibberelline. Deze tarwe en rijst staan nu bekend als de ‘korte-stro rassen’.
Bij de maïsplanten in de veldproef is net het omgekeerde gebeurd als bij de rijst – de productie van GA20oxidase wordt verhoogd in plaats van verminderd. Binnen VIB wordt er onderzocht wat het effect van een verhoogde of verminderde hoeveelheid van dit enzym is op de groei van planten onder verschillende condities. Wanneer dit enzym in extra hoeveelheden wordt aangemaakt groeien de planten sneller en verandert de architectuur of het algemeen uitzicht van de plant: langere stelen en langere bladeren. De planten blijken ook beter door te groeien bij koude (koude nachten aan het begin van het groeiseizoen) of milde droogte. Deze vaststelling opent mogelijkheden om landbouwgewassen te ontwikkelen die hogere opbrengsten leveren, ook wanneer de weersomstandigheden minder gunstig zijn. Vandaag is de wetenschap echter nog lang niet zover. Er moeten nog een pak fundamenteel onderzoek gebeuren.
Waarom een veldproef? Sinds een tweetal jaren zijn er bij VIB serreproeven met maïsplanten die meer GA20oxidase produceren. Experimentele planten die in de serre veelbelovend lijken kunnen pas het bewijs (of de ontkenning) van hun werkzaamheid tonen als ze ook in de open lucht, onder normale landbouwomstandigheden presteren. Planten groeien anders in de serre dan in het veld. Daar worden ze blootgesteld aan weer en wind. Om dat verschil te bepalen zijn veldproeven noodzakelijk. Waar is de veldproef gepland? Op een terrein in Wetteren in de provincie Oost-Vlaanderen. VIB werkt voor deze veldproef samen met het Instituut voor Landbouw en Visserijonderzoek (ILVO), een Vlaamse onderzoeksinstelling die ondermeer 200 ha landbouwgrond gebruikt om plantkundig en teelttechnisch onderzoek voor de Vlaamse landbouw te verrichten. De experts van ILVO zullen helpen bij de observatie van de maïsplanten. Hoe groot is de veldproef en hoeveel veldproeven zijn er nodig? De onderzoekers willen in 2012 een start maken met een beperkte proef waarin 200 genetisch gewijzigde maïsplanten in het veld worden gegroeid. Als de resultaten van deze eerste proef uit wetenschappelijk oogpunt niet negatief uitpakken zullen de onderzoekers in 2013 en 2014 de proef uitbreiden. De oppervlakte van genetisch gewijzigde maïsplanten en niet-gemodificeerde referentielijn tesamen zal in die jaren niet meer dan 0,05 hectare bedragen. Met deze proef over drie jaren hopen de onderzoekers voldoende wetenschappelijke gegevens te verzamelen om solide uitspraken te kunnen doen over de werkzaamheid en het nut van de ingebrachte eigenschap. Het is noodzakelijk om veldproeven over meerdere groeiseizoenen te herhalen omdat de condities niet zo gestandaardiseerd zijn als in de serre: zo kan het bijvoorbeeld extreem warm zijn tijdens het groeiseizoen, wat niet typisch is voor het Belgische groeiseizoen: door de proef enkele malen te herhalen zullen dergelijke extreme situaties de resultaten minder beïnvloeden. Wat gebeurt er als de eigenschap nuttig blijkt te zijn? Het is aan anderen om te bepalen of ze de eigenschap in nieuw te ontwikkelen maïsvariëteiten zouden willen inbouwen. Als dat zo is, begint een nieuw ontwikkelingstraject dat vanaf nul start op de tekentafel: ontwerp van een geschikte DNA-vector, inbouw in een commercieel relevante inteeltlijn, selectie van lijnen in een serre, veldproeven om een elite-lijn te selecteren, en veldproeven om de gegevens te verzamelen die noodzakelijk zijn om een marktaanvraagdossier uit te bouwen. Anderzijds is het ook mogelijk dat dit kenmerk niet zijn toepassing zal vinden in het maken van nieuwe variëteiten via genetische aanpassingen, maar eerder als een merker die kan helpen in de klassieke veredeling: bijvoorbeeld als de GA20OX planten meer tolerant blijken te zijn voor koude en droogte, dan kan de keuze voor lijnen met een hoog GA gehalte tijdens het veredelingsproces voordeliger zijn als men lijnen wil selecteren om te groeien in een bepaald klimaat waard koude en droogte voorkomen tijdens het groeiseizoen. Hoeveel kans bestaat er dat de veldproef ‘slecht’ afloopt? Dat is moeilijk te voorspellen. Het belangrijkste negatieve scenario is dat de hoge maïsplanten onvoldoende bestand zijn tegen felle wind en regen en als gevolg daarvan tegen de vlakte gaan. Als dat zo is, wil dat echter nog niet zeggen dat de ingebrachte eigenschap waardeloos is. Het is ook mogelijk dat de ingebrachte eigenschap in combinatie met andere (klassieke) eigenschappen wel nog een maïsvariëteit oplevert die een meerwaarde heeft. Waarvoor zal deze maïs uiteindelijk worden gebruikt? Als diervoeder? Als voedsel voor de mens? Of als basis voor biobrandstoffen of bioplastic? De maïsvariant die in dit experiment gebruikt wordt is enkel geschikt voor wetenschappelijk onderzoek. Het is een variant waarvan gekend is dat er gemakkelijk nieuwe eigenschappen in kunnen worden aangebracht. Spreken over toepassingen is nog niet aan de orde. Het is stof voor verder wetenschappelijk onderzoek om uit te maken of en welke maïsvarianten voordeel hebben bij de verhoogde productie van GA20oxidase. Zoete maïs, diervoeder, basis voor biobrandstoffen of bioplastic? Het kan nog alle kanten uit. Wat heeft deze maïs te maken met herbicidetolerantie? De testplanten bevatten (voorlopig) wel gen dat hen bestand maakt tegen glufosinaat, het achtieve bestanddeel herbicide Basta. Die eigenschap is enkel van nut geweest tijdens de laboratoriumfase van het onderzoek. Het gen is in dit geval niet toegevoegd met de bedoeling om glufosinaat op de maïs in het veld te spuiten. Tijdens de veldproef zal dan ook geen glufosinaat gebruikt worden. Het inbouwen van tolerantie tegen herbiciden is een techniek die door plantenonderzoekers vaak wordt toegepast om de selectie van de nieuwe planten te vergemakkelijken. Hoe gaat dat in zijn werk?- Het gen dat de plant bestand maakt tegen het herbicide, wordt gekoppeld aan het gen dat de wetenschapper wil inbrengen in de plant (in dit geval: het strekgen).
- De combinatie (strekgen+herbicideresistentie) wordt in een groot aantal plantencellen ingebracht
- Die cellen worden tot plantengroei aangezet op een kweekbodem die ook het herbicide glufosinaat bevat
- Alleen de planten waarbij de combinatie van nieuwe genen succesvol zijn ingebouwd, groeien uit tot nieuwe planten waardoor het veel efficiënter is om de transformanten te selecteren
Het beleid voor opvolging en overname in Vlaamse ondernemingen blijft een belangrijke prioriteit voor de Vlaamse overheid. Met het Masterplan voor opvolging en overname werden in oktober 2011 enkele nieuwe initiatieven gelanceerd.
Ondertussen vroegen al meer dan 1000 ondernemers het informatiepakket bedrijfsoverdracht aan en lopen de eerste subsidiedossiers voor coaching en advies bij de voorbereiding van de bedrijfsoverdracht. Minister-president Kris Peeters maakt een voorlopige balans op.
Masterplan voor opvolging en overname
Minister-president Kris Peeters lanceerde vorig jaar oktober het Masterplan voor opvolging en overname. Dit plan moet leiden tot meer geslaagde bedrijfsoverdrachten in de Vlaamse ondernemingen en vermijden dat expertise en know-how samen met de zaakvoerders op pensioen gaan. Peeters wil dit realiseren met een reeks acties op vlak van bewustmaking, informatieverstrekking en begeleiding, geflankeerd door een nieuw gunstig regime voor schenking van familiale ondernemingen. Het plan loopt vier jaar en de uitvoering is toevertrouwd aan het Agentschap Ondernemen.
Het masterplan heeft als prioritaire doelgroep ondernemers die het einde van hun loopbaan in zicht hebben. Vanaf dit jaar wordt de doelgroep geleidelijk aan uitgebreid naar opvolgers en overnemers.
Gratis informatiepakketten
In oktober 2011 kregen 35.402 ondernemers tussen 55 een 65 jaar oud een brief van Kris Peeters. Met deze brief en de begeleidende folder “Al gedacht aan opvolging?” wil hij ondernemers er van bewust maken dat het voorbereiden van de bedrijfsoverdracht veel aspecten heeft en verschillende jaren in beslag kan nemen. Op tijd beginnen en waar mogelijk bijstand vragen is dus de boodschap. De brief werd ondersteund met advertenties in vakbladen en radiospots en een de eerste Week van de bedrijfsoverdracht met tientallen infosessies over heel Vlaanderen.
Ondernemers werden aangemoedigd om bij het Agentschap Ondernemen het gratis informatiepakket bedrijfsoverdracht aan te vragen, wat ondertussen al meer dan 1000 ondernemers deden. Geïnteresseerden kunnen het gratis informatiepakket nog steeds aanvragen via deze website of door het gratis nummer 0800 20 555 te bellen.
Steun voor begeleiding
Op vlak van individuele begeleiding lanceerde het Agentschap Ondernemen twee nieuwe steunmaatregelen. Er is nood aan integrale begeleiding over alle aspecten van het overdrachtsproces en aan coaching voor de emotionele kant van de zaak. Kandidaat-overdragers die zich nog in de oriëntatiefase bevinden, kunnen subsidies krijgen voor individuele coaching. Daarnaast is de kmo-portefeuille uitgebreid met subsidies voor strategisch advies over een overdrachtsplan. Voor beide steunmaatregelen zijn de eerste dossiers lopende.
Ondernemers die van gedachten willen wisselen met anderen in gelijkaardige situaties, kunnen deelnemen aan de programma’s die daarvoor worden opgezet. In 2010 startten negen proefprojecten om verschillende aanpakken uit te testen op vlak van bewustmaking, informatieverstrekking en begeleiding.
Het vervolg
De Week van de bedrijfsoverdracht en de sensibiliseringsacties worden in oktober 2012 herhaald.
De infosessies zullen echter meer worden gespreid over het ganse jaar. In april vinden vijf advies- en infomarkten plaats, opgebouwd rond verschillende deelthema’s van bedrijfsoverdracht en de eindeloopbaanproblematiek. Daarnaast worden vanaf het najaar thematisch seminaries over specifieke aspecten van overdragen, opvolgen en overnemen georganiseerd.
Op vlak van begeleiding worden nieuwe initiatieven genomen voor begeleiding in kleine groepen van gelijkgestemden. De maatregelen voor individuele coaching en advies zullen verder bekend worden gemaakt.
Lees het volledige persbericht.
bram
Anne Chapelle, Liese Verhaeghe, Greetje Demuelenaere en Daniëlle Vanwesenbeeck zijn de vier finalistes voor de Womed Award - Women in Enterprise and Development - de prijs voor de vrouwelijke ondernemer van het jaar. Dat maakt mabizz, het netwerk voor ondernemende vrouwen van UNIZO en markant, bekend. Voor de 13e keer op rij reikt mabizz, het ondernemersnetwerk voor vrouwen van markant en UNIZO, de Womed Award uit. Dit met de steun van het Agentschap Ondernemen en in samenwerking met Vlerick Leuven Gent Management School, KBC en Trends. Vanaf 26 januari tot en met 16 februari kan iedereen de profielen van de vier finalistes bekijken en zijn stem uitbrengen op www.mabizz.be Op woensdag 14 maart 2012 reikt Vlaams Minister-President Kris Peeters de Womed Award uit aan de winnende finaliste.
Met deze prijs wil mabizz een uitzonderlijke onderneemster, die minstens vijf jaar haar eigen zaak runt, in de kijker zetten. Daarnaast wil de prijs het vrouwelijk ondernemerschap in het algemeen aanmoedigen en ondersteunen. In 2010 waren 39 procent (30.127 vrouwen) van alle starters vrouw, maar de kloof man-vrouw moet nog beter worden gedicht. “Het enorme potentieel van vrouwen willen we op deze manier in de verf zetten”, zegt mabizz-verantwoordelijke Nadine Eeraerts. “Tegelijkertijd moet deze prijs andere vrouwen inspireren om de stap naar ondernemerschap te zetten.” Iedereen kan vanaf 26 januari tot en met 16 februari de videoreportages bekijken en stemmen voor één van de vier finalistes via www.mabizz.be. De publieksstemming via de site telt mee voor 30% in de uiteindelijke beslissing, de overige 70% van de stemmen komen van de jury. Op 14 maart reikt Vlaams minister-president Kris Peeters de Womed Award uit in het auditorium van KBC te Brussel. Finalistes De voorwaarden waaraan alle finalistes moeten voldoen, zijn zelfstandige zijn in hoofdberoep, een financieel gezonde onderneming uitgebouwd hebben en maatschappelijke inzet en betrokkenheid aantonen. Zij moet minimum 5 jaar ondernemer zijn en wonen en werken in Vlaanderen of Brussel. Dit jaar heeft de jury de volgende onderneemsters genomineerd voor de Womed Award: Anne Chapelle – www.32.be. Vandaag is Anne Chapelle eigenaar en CEO van het bedrijf dat naast Ann Demeulemeester ook Haider Ackermann onder zijn hoede heeft. Naast een indrukwekkende maar stabiele groei met internationale weerklank wordt ook nadruk gelegd op het respecteren van waarden en het koesteren van jong talent én dit te ontwikkelen op een juiste en behoedzame manier. Liese Verhaeghe – www.beauty-energy.be. Samen met haar gedreven en professioneel 7-koppig team gelooft Liese voor 200% in haar onderneming. ´Andere mensen inspireren in hun kracht te staan´ is voor Liese de rode draad in haar professioneel en persoonlijk leven. Haar profiel vind je hier. Greetje Demuelenaere – www.merkenmarketeers.be In oktober 2004 was de tijd rijp om zelf een verhaal te schrijven: comma, merkenmarkteers zag het levenslicht. Na de opstart van een financieel magazine werd het duidelijk waar de meerwaarde zich zou bevinden: haar knowhow gecombineerd met een totaalaanbod van communicatiediensten. Haar profiel vind je hier. Daniëlle Vanwesenbeeck – www.mastermail.be Met een achtergrond uit de mailingsector, besloot Daniëlle Vanwesenbeeck (39) 8 jaar geleden, zelfstandig ondernemer te worden en richtte ze MasterMail op, een bedrijf in het coördineren en verwerken van direct mailings. Haar profiel vind je hier.Beloftes Dit jaar start mabizz voor de eerste keer met de uitreiking van de prijs voor de Belofte; een vrouwelijke starter die 2 tot 5 jaar actief is in haar eigen zaak. De provinciale selectierondes vinden daarvoor plaats eind januari. De uitreiking hiervan vindt plaats op 14 maart. Alle info: www.mabizz.be katrien.byn
De Bizzkidz Management Competitie wordt geheel online gespeeld via www.bizzkidz.be. Van januari tot en met maart vormen de leerlingen het managementteam van hun eigen fictieve onderneming. In het leren managen van het bedrijf worden zij niet alleen geconfronteerd met allerlei onverwachte gebeurtenissen in de markt, maar ook met de gevolgen van elkaars beslissingen!
In april vindt de spannende finaledag plaats bij Hogeschool van Amsterdam. Daar strijden de beste teams om prachtige prijzen en de titel ‘Manager van het Jaar 2012’.De Bizzkidz Management Competitie is een serious game ter bevordering van ondernemerschap in het onderwijs en wordt georganiseerd door BitPress Educatie (www.bitpress.nl).
katrien.bynThe objective of this call is to promote projects with a high added value at European level in education for entrepreneurship. Actions will target teachers and young people in primary, secondary and tertiary education.
Projects to be supported will focus on one of the following objectives (priority areas):
- Creating trans-European models for primary and secondary school teachers to support the development of their skills and methods in applying entrepreneurial learning to different teaching subjects and to different contexts.
- Developing, organising and executing cross-European training/education workshops for teachers of entrepreneurship at institutions of higher education (universities, colleges, business schools, universities of applied sciences, etc.).
- Creating a European online platform for teachers/educators to enable the cross-border exchange of good practice, methods and teaching materials in the field of entrepreneurship education.
- Developing and testing a European common framework of tools and indicators to assess entrepreneurial mindsets, attitudes and skills acquired by students in entrepreneurship education.
Deadline: 16/04/2012
Meer informatie? Klik hier.
Jasper DelanoyHet IWT organiseert in het kader van Enterprise Europe Network?? samen met o.m. Passiefhuisplatform, WTCB en de Vlaamse Confederatie Bouw een uniek internationaal business-to-business event rond integrale energie-renovaties voor woningen. Het event wil inspiratie, kennis en contacten bieden voor business opportuniteiten door concrete samenwerking tussen verschillende soorten renovatiespelers zoals architecten, aannemers, financierders, productleveranciers, studiebureaus, steden en gemeenten, projectmanagers, doe-het-zelf zaken, eigenaars, enz.
Het event kadert in het ERA-NET?? Eracobuild project "One-stop-shop" (http://www.one-stop-shop.org), met steun van het IWT.
Info en inschrijvingen: http://www.b2match.eu/businesszoo
Locatie:Linder Hotel & City Lounge
Lange Kievitstraat 125
2012 Antwerpen
Link: Enterprise Europe Network (EEN) 18 april 2012 - Business Zoo : innovatieve business modellen voor integrale renovatie (Antwerpen) Dirk Otte
RVO-Society organiseerde van 19 tot 22 december 2011 een Technoweek voor scholen die deelnamen aan Dorp Op School. Tijdens een rondleiding in IMEC maakten de kinderen kennis met het onderzoekscentrum dat tot de wereldtop behoort in het domein van nano-elektronica en nanotechnologie. Ze brachten ook een bezoek aan de cleanroom, waar ze de onderzoekers in volle actie zien en ze de kans krijgen om vragen te stellen aan een operator.
Meer informatie: http://www.rvo-society.be/nieuws/dorp-op-school-technoweek
jeannineDames, investeer in onze start-ups!
Be Angels, een netwerk van investeerders die actief zijn in Brussel en Wallonië, wil vrouwen stimuleren om een businessangel te worden. Naar Frans voorbeeld start Be Angels in de komende weken met een club speciaal voor vrouwen. De club richt zicht tot kapitaalkrachtige vrouwen die innoverende start-ups willen ondersteunen.
Het volledige verhaal kunt u lezen in de Trends van 19 januari 2012 (omwille van de geldende regels inzake auteursrecht zijn wij niet gemachtigd het artikel hier weer te geven).
website Be Angels: www.beangels.eu
Jasper Delanoy



