Deze website draagt het AnySurferlabel, een Belgisch kwaliteitslabel voor toegankelijke websites. Meer informatie vindt u op www.anysurfer.be.

Column & Weblog

06.09.10

Tijd voor een eerste balans

We zijn ondertussen al bijna halfweg het twaalfde Belgische EU voorzitterschap. Een goed moment om een tussentijds verslag op te maken? Feit is dat je in de loop van een voorzitterschap weinig tijd hebt om de zaken te overpeinzen. Praktische hinderpalen moeten worden overwonnen, deadlines gehaald. In strak tempo volgen conferenties, workshops, events en recepties elkaar op.

Maar wat als we het geheel eens vanuit vogelperspectief bekijken? Waarom staan we niet even stil om na te denken waar we eigenlijk mee bezig zijn? Waarom sta ik niet even stil om te overpeinzen waar ik mee bezig ben? (Laten we er inderdaad van uitgaan dat ik voor mezelf spreek.) En bovenal, wat zijn de ingrediënten voor een geslaagd voorzitterschap?

Al die vragen heb ik me ter harte genomen. Al vlug kwam ik erachter dat het succes van een voorzitterschap moeilijk meetbaar is. Zoals uit onderzoek blijkt is het resultaat van een voorzitterschap voor een groot deel afhankelijk van de verwachtingen van andere lidstaten. Alvast goed nieuws voor ons! Een val van de regering en nieuwe verkiezingen op amper twee weken voor de start van het voorzitterschap en dat in een land waar de regeringsvorming al gauw enkele maanden in beslag neemt; het heeft blijkbaar toch geen al te zware gevolgen. Ik neem aan dat de verwachtingen bij de andere lidstaten op een laag pitje stonden voor ons moment de gloire de laatste zes maanden van 2010.

Maar die verwachtingen laten we even buiten beschouwing. We gaan op zoek naar de essentie van een Europees voorzitterschap.
 

Waar zijn we mee bezig?

Indien we een voorzitterschap objectief beoordelen, kijken we meestal in de eerste plaats naar de invloed die het land in kwestie had op het Europese beleid. In academische kringen bestaat er echter heel wat twijfel over de werkelijke invloed van het EU-voorzitterschap tijdens het het halfjaar dat een land de verantwoordelijkheid als voorzitter opneemt. Om die stelling kracht bij te zetten, verwijst men in veel gevallen naar het bekende citaat van topambtenaar en politicoloog Jean-Louis Dewost, die het voorzitterschap beschreef als ‘responsabilité sans pouvoir’.

Andere stemmen zijn het daar helemaal niet mee eens. We moeten dus niet wanhopen. De politicoloog Jonas Tallberg, om er maar één te noemen, verdedigt als academicus op overtuigende wijze het tegendeel. Volgens Tallberg beschikt elk land als voorzitter drie verschillende capaciteiten om het beleid te beïnvloeden: ‘setting’, ‘structuring’ en ‘exclusion’ van de agenda.

‘Agenda setting’ is nodig voor de koppeling van drie stromen: de erkenning van problemen, initiatief nemen met beleidsvoorstellen en de creatie van een ontvankelijk politiek klimaat. Door die stromen te bundelen, plaatst men nieuwe punten op de agenda.

Met ‘agenda structuring’ doelt Tallberg op de mogelijkheden van het voorzitterschap om procedures te vertragen of te versnellen door het volledige proces te controleren. Zo kan een voorzittende lidstaat de frequentie veranderen waarmee bepaalde vergaderingen voorkomen om zo het proces te beïnvloeden. Anderzijds kan de voorzitter ook informele vergaderingen organiseren om de nadruk te leggen op bepaalde thema’s.

Dit in tegenstelling tot ‘agenda exclusion’ waarbij men bepaalde thema’s naar de achtergrond probeert te schuiven. Een capaciteit die lang is miskend door politicologen maar in de jaren 60 mooi werd samengevat onder de zinsnede ‘the power of non-decision making’.
 

Ingrediënten voor een geslaagd voorzitterschap

In het subtiele spel om de agenda te bepalen, te structureren en uit te zuiveren, is er echter één valkuil die het voorzittende land te allen tijde dient te vermijden: de vermeende neutraliteit van de zetelende voorzitter. Een topambtenaar van de Commissie beschrijft dit gevoelige spel als volgt:

“Wanneer je geen EU-voorzitter bent, moet je elke dag bittere pillen slikken louter omdat je weet dat het voorzitterschap op een dag jouw verantwoordelijkheid is en anderen bittere pillen zullen moeten slikken. Je lijdt voor zes jaar en in het zevende jaar heb je de kans om de andere landen een koekje van eigen deeg te geven. De voorzittende landen overschrijden altijd de grens (inzake de neutrale rol van de voorzitter). Wat je wil (als voorzitter) is een voorzitterschap dat op een bekwame manier deze grenzen overschrijdt, zonder dat het publiek wordt.”

Deze laatste zin vat de essentie van het voorzitterschap mooi samen. We weten dus wat ons te doen staat. Uiteraard met de nodige realiteitszin. Zoals een andere official van de Commissie beaamt: “een slimme vertegenwoordiger van het voorzitterschap heeft zes sleutelprioriteiten en verwacht dat er vier zullen worden aanvaard. De Commissie aanvaardt er drie en zal er zelf één toevoegen.”
 

Beleidsdoelstellingen als enige graadmeter?

Maar is een EU-voorzitterschap geslaagd als de beleidsprioriteiten zijn binnengehaald? Met het voorzitterschap wil het land in kwestie bij zijn bevolking en op het niveau van de nationale politiek het Europese beleidsniveau onder de aandacht brengen. Hiermee kunnen we onder meer tegemoetkomen aan de grote frustratie van Europese beleidsmakers: het gebrek aan of de negatieve aandacht voor het Europese beleidsniveau. De ver-van-mijn-bedshow die Europa voor veel burgers is, moet met het voorzitterschap net iets tastbaarder worden, iets minder ingewikkeld en iets interessanter. Aan uitdaging geen gebrek!