Ondernemerschapscultuur in Vlaanderen: een stand van zaken
Uit het tweejaarlijkse onderzoek van ECOOM UGent naar de Vlaamse ondernemerscultuur blijkt dat de maatschappelijke perceptie van ondernemerschap enigszins verbeterd is, maar dat de feitelijke ondernemersactiviteit stagneert.
Maatschappelijke perceptie
In 2023 meent 53% van de Vlamingen dat ondernemerschap als een wenselijke carrièrekeuze wordt beschouwd, een stijging ten opzichte van 2022 (46%). Daarnaast vindt 60% dat succesvolle ondernemers aanzien en respect genieten in Vlaanderen.
Zelfperceptie
Toch blijft het aandeel Vlamingen dat kansen ziet om een eigen bedrijf op te starten hangen op 24%. In vergelijking met andere Europese landen doet Vlaanderen het hiermee minder goed.
Daarnaast stellen de onderzoekers vast dat 49% van de Vlamingen die opportuniteiten zien, aangeven dat angst om te falen hen zou tegenhouden om een zaak te starten. Ook voor de actieve ondernemers blijkt angst om te falen een blijvende rol te spelen.
Vlaamse ondernemers blijken vooral bang voor een verstoorde work-life balance, de hoge loonkosten en het gebrek aan geschikte werknemers op de arbeidsmarkt.
Startersactiviteiten
De effectieve startersactiviteiten in Vlaanderen bedroegen in 2023 14,1%, een daling ten opzichte van 2022 (14,6%). Hoewel Vlaanderen hiermee nog voorop loopt in Europa, halen andere landen snel in. De onderzoekers waarschuwen dat Vlaanderen deze voorsprong op korte termijn zou kunnen verliezen.
Vooral vrouwen blijven achter op mannen als het op ondernemerschap aankomt. Slechts 9,9% van de vrouwen is actief als ondernemer, tegenover 18,3% van de mannen. Vrouwelijke ondernemers kampen bovendien vaker met faalangst en schatten hun eigen competenties lager in.
De onderzoekers benadrukken dat het beleid moet inzetten op:
- het verminderen van faalangst en
- het creëren van een veilige omgeving om ondernemerschap te ontdekken en opportuniteiten te detecteren.
Daarbij moet extra aandacht uitgaan naar vrouwen en oudere Vlamingen, die nog steeds ondervertegenwoordigd zijn.
Ook de krapte op de arbeidsmarkt en de bijhorende loonkosten zijn belangrijke aandachtspunten.
Methode
Dit onderzoek bevroeg eind 2023 meer dan 1000 Vlamingen tussen de 18 en de 64 jaar. Het werd uitgevoerd in opdracht van de Vlaamse overheid (Departement EWI) en minister Jo Brouns door het team van dr. Jolien Roelandt en prof. Petra Andries (Centre for Entrepreneurship Research, Universiteit Gent). Hun team maakt deel uit van het Expertisecentrum Onderzoek en Ontwikkelingsmonitoring (ECOOM).