Halen 3% O&O-norm in Vlaanderen in zicht

Filter items
Nieuws
1 juli 2019
Het Expertisecentrum Onderzoek en Ontwikkelingsmonitoring van de Vlaamse Gemeenschap (ECOOM) is een interuniversitair consortium met deelname van alle Vlaamse universiteiten (KU Leuven, UGent, VUB, UAntwerpen en UHasselt). ECOOM heeft als opdracht een consistent systeem van O&O- en innovatie-indicatoren te ontwikkelen voor de Vlaamse overheid.

O&O-intensiteit

De monitoring van de bestedingen van O&O in Vlaanderen gebeurt door ECOOM – het interuniversitair Expertisecentrum O&O Monitoring – in samenwerking met het Departement EWI.

Een belangrijke indicator daarbij is de ‘O&O’- intensiteit: het percentage van het bruto binnenlands product van een land of een regio dat besteed wordt aan O&O-uitgaven. Via het Innovatiepact in 2003 en later diverse malen herbevestigd, is de Vlaamse doelstelling het besteden van 3% van het regionaal bbp aan O&O.

Op basis van het meest recente gegevens - opgevraagd via enquêtes in 2018 voor de bestedingsjaren 2016 en 2017 en verwerkt in 2019 - bedraagt die intensiteit voor 2017 2,89% van het bbp.  

Toplanden

Met 2,89 procent van het bbp mogen we ons meten met de toplanden, aldus ECOOM. Alleen Zweden, Oostenrijk, Denemarken en Duitsland scoren beter.

 

Vier sectoren

Deze bruto binnenlandse uitgaven voor O&O - internationaal de zogenaamde ‘Gross Expenditures on Research and Development (GERD)’ – weergegeven in de O&O-intensiteit, zijn de optelsom van de O&O-uitgaven van vier sectoren:

  • bedrijven en de collectieve centra
  • publieke onderzoekscentra 
  • hoger onderwijsinstellingen en
  • instellingen zonder winstoogmerk.

 

O&O-uitgaven: privaat versus publiek gefinancierd

Niet alleen de hoegrootheid van de O&O-uitgaven is belangrijk, ook relevant is te weten wie die uitgaven financiert.

Uit de enquêtegegevens blijkt dat driekwart van de uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling door de privésector gefinancierd wordt. Dat staat gelijk met 2,16 procent van het bbp. Dat is ruim boven de doelstelling van 2 procent.

De publieke middelen zitten met 0,72 nog onder de doelstelling van 1 procent van het bbp. Gezien het evenwel om cijfers tot en met 2017 gaat, zit de grote budgettaire opstap 2019 van 280 miljoen euro vanuit de Vlaamse begroting nog niet in de cijfers.

 

Werknemers O&O

Het aantal werknemers dat werkzaam is in onderzoek en ontwikkeling, is navenant gestegen, van bijna 36.000 in 2007 tot bijna 51.000 in 2017.

Bijna twee derde werkt in een bedrijf. Iets minder dan één op de drie doet onderzoek aan een hogeschool of universiteit. De rest werkt in een onderzoekscentrum zoals Imec of VIB.

Totaal eigen O&O-personeel in voltijdse equivalenten

 

Reactie ECOOM

Koenraad Debackere, promotor-woordvoerder ECOOM en medeauteur van de studie: "De volgehouden inspanningen naar toenemende investeringen in O&O werpen in Vlaanderen duidelijk hun vruchten af. Bedrijven zien het belang van O&O voor hun competitieve positie in. Dit heeft geleid tot private investeringen in O&O die de Europese doelstelling van 2% mooi overstijgen. Ook de dienstensectoren laten zich hierbij niet onbetuigd. Hun rol in het Vlaamse O&O-landschap wordt almaar belangrijker. "

"Ook de overheid volhardt in haar inspanningen en heeft tevens nog ruimte voor verdere groei. Met een O&O-intensiteit van 2,89% mag Vlaanderen best fier zijn op haar realisatie."

 

Deel deze pagina

  • Vond u wat u zocht?

Contactgegevens

Peter Viaene

Afdeling Ondernemen en Innoveren
Beleidsmedewerker
02 553 57 42

Meer nieuws

  • Economische groei in Vlaanderen blijft volgende jaren hoger dan in Wallonië en Brussel

    Economische groei in Vlaanderen blijft volgende jaren hoger dan in Wallonië en Brussel

    15 juli 2019

    De economische groei in Vlaanderen blijft ook de volgende jaren hoger dan die in Wallonië of in Brussel. Dat blijkt uit de regionale vooruitzichten van het Planbureau. Voor de periode 2018-2020 verwacht men een groei van 1,6 procent per jaar in Vlaanderen, tegen 1,2 pct in Wallonië en 0,9 pct in Brussel. Voor de periode 2021-2024 gaat het respectievelijk om gemiddeld 1,4 pct, 1,2 pct en 0,9 pct groei per jaar.

  • Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT): Commissie publiceert wetgevingsvoorstellen

    15 juli 2019

    De Europese Commissie maakte vorige week de nieuwe voorstellen van wetteksten bekend voor het EIT, het Europees Instituut voor innovatie en technologie, die het in lijn brengen met Horizon Europa. De Commissie stelt een toename van de middelen van het EIT voor tot 3 miljard euro (een stijging van 600 miljoen euro – of 25% – ten opzichte van de huidige strategische innovatieagenda 2014-2020). Daarmee zal het EIT de activiteiten van bestaande en nieuwe kennis- en innovatiegemeenschappen financieren en de innovatiecapaciteit van 750 instellingen voor hoger onderwijs ondersteunen.

  • OESO waarschuwt voor dalende Belgische productiviteit

    8 juli 2019

    In een nieuw rapport doet de OESO zeven beleidssuggesties om de dalende productiviteit te keren: o.a. door het Belgische fiscale ondersteuningssyteem voor R&D bij bedrijven effectiever te maken en door de investeringen in universiteiten te verhogen.

  • Nieuwe campus voor VLIZ en ILVO op Oosteroever Oostende

    Nieuwe campus voor VLIZ en ILVO op Oosteroever Oostende

    8 juli 2019

    Onder de naam InnovOcean Campus zullen het VLIZ (Vlaams Instituut voor de Zee), haar projectpartners, en de Oostendse vestiging van het ILVO (Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek) op de Oosteroever in Oostende een nieuw gemeenschappelijk complex gaan betrekken. De bevoegde ministers Muyters en Van den Heuvel tekenden daarvoor vandaag in Brussel de overeenkomst.

  • Recordaantal meisjes kiest voor wetenschappen en techniek

    Recordaantal meisjes kiest voor wetenschappen en techniek

    8 juli 2019

    Nog nooit hebben zoveel Vlaamse meisjes in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs voor een STEM-opleiding gekozen. Wetenschappen en techniek zijn ook in het hoger onderwijs populairder: in de academische bachelors benadert het aandeel vrouwen intussen de 40 procent.