Het Steunpunt Economie en Ondernemen onderzocht de financieringsmechanismen en -problemen van jonge ondernemingen in Vlaanderen anno 2019. Vlaamse ondernemers blijken ̶ net als in vorige jaren ̶ het best vertrouwd te zijn met financiering door eigen middelen en inbreng van familie en vrienden, alsook met bankfinanciering en leasing. Ze doen bij het aantrekken van financiering dan ook het vaakst beroep op deze specifieke financieringsbronnen.
Iets meer dan de helft (54%) van de jonge ondernemingen probeerde in 2019 financiering aan te trekken. Het gemiddelde bedrijf vroeg, over de verschillende financieringsmechanismen heen, om en bij de €81.000 financiering aan, en slaagde er in maar liefst 89% van dit bedrag ook effectief te verwerven. Ongeveer 60% van deze financiering werd aangewend voor investeringen.
Jonge ondernemingen geven aan dat er van de meeste financieringsmechanismen voldoende aanbod is, en dit aan gunstige voorwaarden. Zo vindt meer dan 90% van de rechtspersonen dat de overheid voldoende financiering aanbiedt.
Toch hebben sommige ondernemingen nog steeds meer moeite dan anderen om hun activiteiten te financieren. Zo blijkt het makkelijker financiering te vinden voor het opstarten dan voor het verder uitbouwen van de onderneming. Iets oudere ondernemingen zoeken meer financiering dan pas opgerichte starters, maar halen geen grotere financieringsbedragen op. Ook bedrijven met uitgesproken groeiambities hadden het anno 2019 moeilijker dan andere ondernemingen om de nodige financiering te verkrijgen. Het financieren van groei blijft dus een aandachtspunt voor het beleid.